كل أفعال الهولندية

vertrekken

يغادر

شاذzijn

مثال

De trein vertrekt om acht uur.

يغادر القطار الساعة الثامنة.

المضارع (Tegenwoordige tijd)

ik
vertrek
jij
vertrekt
hij/zij/het
vertrekt
wij
vertrekken
jullie
vertrekken
zij
vertrekken

الماضي البسيط (O.V.T.)

ik
vertrok
jij
vertrok
hij/zij/het
vertrok
wij
vertrokken
jullie
vertrokken
zij
vertrokken

الماضي التام (V.T.T.)

ik
ben vertrokken
jij
bent vertrokken
hij/zij/het
is vertrokken
wij
zijn vertrokken
jullie
zijn vertrokken
zij
zijn vertrokken

المستقبل (Toekomende tijd)

ik
zal vertrekken
jij
zult vertrekken
hij/zij/het
zal vertrekken
wij
zullen vertrekken
jullie
zullen vertrekken
zij
zullen vertrekken

المشروط (Conditionalis)

ik
zou vertrekken
jij
zou vertrekken
hij/zij/het
zou vertrekken
wij
zouden vertrekken
jullie
zouden vertrekken
zij
zouden vertrekken

الأمر

jij
vertrek
u / jullie
vertrekt
تدرّب على هذا الفعل