ASAGN
تعلّم
التدريب
الامتحانات
الاختبارات
المجتمع
الثقافة
المدرّسون
الاشتراكات
المؤسسات
أدوات
EN
تسجيل الدخول
إنشاء حساب
كل أفعال الهولندية
noemen
يسمي
منتظم
hebben
مثال
Ze noemen hem de baas.
يسمونه الرئيس.
المضارع (Tegenwoordige tijd)
ik
noem
jij
noemt
hij/zij/het
noemt
wij
noemen
jullie
noemen
zij
noemen
الماضي البسيط (O.V.T.)
ik
noemde
jij
noemde
hij/zij/het
noemde
wij
noemden
jullie
noemden
zij
noemden
الماضي التام (V.T.T.)
ik
heb genoemd
jij
hebt genoemd
hij/zij/het
heeft genoemd
wij
hebben genoemd
jullie
hebben genoemd
zij
hebben genoemd
المستقبل (Toekomende tijd)
ik
zal noemen
jij
zult noemen
hij/zij/het
zal noemen
wij
zullen noemen
jullie
zullen noemen
zij
zullen noemen
المشروط (Conditionalis)
ik
zou noemen
jij
zou noemen
hij/zij/het
zou noemen
wij
zouden noemen
jullie
zouden noemen
zij
zouden noemen
الأمر
jij
noem
u / jullie
noemt
تدرّب على هذا الفعل
أفعال ذات صلة
andwoorden
antwoorden
beantwoorden
bellen
bestellen
betalen